De grote boogvormige gevel van de Rotterdamse Markthal met glazen middenpartij en bezoekers op het plein.

Eten & Drinken

Wat maakt de Rotterdamse Markthal zo bijzonder?

Wie bij station Blaak naar buiten komt, ziet meteen de grote boog van de Markthal. Het gebouw staat aan de Binnenrotte, midden in Rotterdam, maar is meer dan een overdekte plek om eten te kopen. Boven de marktvloer liggen woningen. Achter de glazen gevels loopt de stad door en op het plafond hangt een kunstwerk dat bijna het hele interieur bepaalt, waardoor een bezoek ook de moeite waard is als je niets wilt bestellen.

Een markt met woningen erboven

De Markthal opende in 2014 en is ontworpen door architectenbureau MVRDV. Het gebouw is ongeveer 120 meter lang en 70 meter breed, terwijl de boog met een hoogte van 40 meter een grote open ruimte overspant. Binnen voel je die afmetingen. Anders dan bij een gewone winkelpassage is er geen laag plafond boven de verkooppunten, maar kijk je omhoog naar een ruimte die eerder aan een stationshal doet denken.

In de gebogen buitenrand zijn 228 appartementen ondergebracht. De woningen vormen dus de wanden en het dak van de markthal, waarbij een deel ramen heeft die uitkijken op de binnenruimte. Wonen en winkelen komen hier samen. Daarmee brengt de architectuur van de Markthal twee functies bij elkaar die meestal gescheiden blijven, want beneden komen bezoekers voor eten terwijl boven hen mensen wonen.

De uiteinden van de boog zijn afgesloten met grote glazen gevels, waarin kabels het glas op zijn plaats houden. Er valt veel daglicht binnen. Doordat het glas de vorm vanaf beide kanten zichtbaar houdt en je vanaf de Binnenrotte de marktvloer kunt zien, blijft het contact met de omgeving behouden. De hal staat zo niet als een gesloten winkelgebouw naast het plein.

Waarom iedereen naar boven kijkt

Het kunstwerk aan de binnenkant heet Horn of Plenty, oftewel Hoorn des overvloeds. Arno Coenen en Iris Roskam maakten het ontwerp, waarin sterk uitvergrote afbeeldingen van voedsel en bloemen samen een oppervlak van ongeveer 11.000 vierkante meter beslaan. Je kunt er nauwelijks omheen. De schaal verklaart waarom veel bezoekers eerst naar het plafond kijken en pas daarna naar de kramen.

Voor wie de Markthal Rotterdam vooral van foto’s kent, is de verhouding tussen kunstwerk en gebouw ter plekke beter te begrijpen. Het beeld volgt de kromming. Het zit dus niet in een lijst aan de muur, maar strekt zich uit over de boog, waardoor steeds een ander deel opvalt als je over de marktvloer loopt en vanuit verschillende hoeken omhoogkijkt.

Beneden kun je ingrediënten kopen of iets eten bij de verkooppunten en horecazaken. Het aanbod kan veranderen. Een bezoek hoeft daarom niet rond één specifieke kraam te draaien, en wie vooral voor het gebouw komt, kan de openbare hal bekijken zonder een restaurantbezoek te plannen. Houd bij het fotograferen wel rekening met de doorgangen tussen de verkooppunten.

Een halte tussen Blaak en de Binnenrotte

De ligging maakt de Markthal geschikt als onderdeel van een wandeling door het centrum van Rotterdam. Aan de overkant bij Blaak staan de kubuswoningen; ook de Oude Haven ligt dichtbij, terwijl je aan de Binnenrotte op korte loopafstand de Laurenskerk vindt. De afstanden zijn klein. Zo zie je binnen een beperkt gebied hoe verschillende perioden en bouwstijlen naast elkaar bestaan.

Ook onder de Markthal is iets van die geschiedenis zichtbaar. Langs de route naar de ondergrondse verdiepingen toont de Tijdtrap archeologische vondsten die tijdens de bouw zijn opgegraven, waardoor het bezoek een andere laag krijgt dan alleen de opvallende buitenkant. De oudere stad ligt beneden. Tussen de bezienswaardigheden in Rotterdam is de hal een plek waar hedendaagse bouw en de oudere stad letterlijk boven elkaar liggen.